Onze aanpak

Leren van wat er gebeurt

Wat jongeren meemaken in de les, op stage en op het werk, is het beginpunt. Samen kijken we terug op wat er gebeurde en wat ze daarvan meenemen naar een volgende situatie.

Een trainer buigt zich in de klas naar een student die aan het schrijven is en kijkt mee.

1 · Onze kijk op ontwikkeling

We beginnen bij ervaring

Jongeren worden gevormd door wat ze meemaken, door wat er van hen verwacht wordt, door de ruimte die ze krijgen om iets te proberen en door de feedback die ze horen.

Uitleg helpt, maar veel over zichzelf leren jongeren pas als ze iets doen. Ze merken bijvoorbeeld dat ze een vraag durven te stellen, of stilvallen zodra iemand kritiek geeft. Voor ons is zo’n moment informatie, geen oordeel over wie iemand is.

De omgeving leert mee

Een mentor die weet waar een student op stage mee bezig is, stelt een andere vraag. En een praktijkopleider die twee minuten met een stagiair terugkijkt, haalt meer uit een gewone werkdag.

Daarom werken we met de mensen die er al zijn. We nemen niets over, we bouwen erop voort.

2 · De leerbeweging

Ervaren, terugkijken, leren en opnieuw handelen

Iets meemaken gebeurt vanzelf, maar terugkijken en het daarna anders proberen meestal niet. Daar is tijd voor nodig, een goede vraag en iemand die meekijkt.

Ervaren

Iets doen dat echt iets vraagt.

Terugkijken

Stilstaan bij wat er gebeurde, wat iemand deed en wat dat opriep.

Een begeleider en een student met krullend haar kijken samen in een werkboek tijdens een MDT-les.

Leren

Herkennen wat werkte, waar het vastliep en wat er nodig is.

Opnieuw handelen

Met dat inzicht iets anders proberen en ervaren wat er verandert.

Die beweging komt terug in een les, in een gesprek rond de stage en in het gesprek tussen student en praktijkopleider.

“Iets ervaren, en daarna eigenlijk leren en de koppeling maken.”

Selwin, coach bij IF, over hoe hij workshops maakt en geeft
Rond een stage werken we dit uit in vijf stappen
  1. DoelVooraf kiest de student iets om op te letten, zoals vaker een vraag stellen of rustig blijven als het druk wordt.
  2. ErvaringDan volgt de stage zelf, met het werk, de collega’s, de klanten en wat er van de student verwacht wordt.
  3. FeedbackDe praktijkopleider en collega’s laten weten hoe het gaat, en de student kijkt er zelf ook naar.
  4. ReflectieSamen kijken we terug op wat er gebeurde en wat dat zegt over wat de student kan en nodig heeft.
  5. Volgende stapDaaruit volgt een nieuw, klein doel voor de komende weken.

3 · De zeven vermogens

Van potentieel naar vermogen

Potentieel is wat iemand in zich heeft.

Vermogen is wat iemand daarmee kan in een echte situatie: op stage, in een lastig gesprek of als het druk wordt.

In onze methodiek komen zeven vermogens steeds terug, op school, op stage en op het werk.

  1. Aandacht

    Merken waar de aandacht heen gaat en die bewust richten.

    In de praktijk

    Op een drukke stagedag gebeurt veel tegelijk. Een stagiair merkt dat de aandacht afdwaalt en brengt die terug naar wat nu telt.

  2. Waarnemen

    Feit, gevoel en gedachte uit elkaar houden.

    In de praktijk

    Een collega geeft kritiek en een jongere voelt zich meteen aangevallen. Wie ziet wat er gezegd werd en wat het losmaakte, kan bewuster reageren.

  3. Denken

    Vragen stellen, een oordeel toetsen en informatie wegen.

    In de praktijk

    Een stagiair denkt dat een klant boos is. Klopt dat? Wie doorvraagt en weegt wat er gezegd wordt, kan dat eerste beeld bijstellen.

  4. Zijn

    Aanwezig blijven als het spannend wordt.

    In de praktijk

    Een jongere voelt de spanning en blijft er toch bij, zonder dicht te klappen. Eén moment dat misgaat, legt niet vast wie iemand is.

  5. Handelen

    Iets uitproberen, initiatief nemen en verantwoordelijkheid dragen.

    In de praktijk

    Een stagiair stelt een vraag, pakt zelf een taak op of probeert een andere aanpak. Wat werkt, komt vaker terug en wordt zo een routine.

  6. Bijdragen

    Werk doen dat waarde heeft voor anderen.

    In de praktijk

    Voor het team, een klant of de mensen eromheen. Een jongere ziet wat het eigen werk voor een ander betekent en stemt het daarop af.

  7. Richting

    Ervaringen gebruiken om een volgende keuze te maken.

    In de praktijk

    Wat ging goed, wat bleef lastig, wat gaf energie? We kijken samen met de jongere terug en zoeken een volgende stap die past bij wat de praktijk liet zien.

4 · School, stage en werk

School, stage en werk als één leerreis

Jongeren nemen zichzelf overal mee naartoe, met hun twijfels, hun sterke kanten en de manier waarop ze op feedback reageren. School, stage en werk zijn vaak apart georganiseerd. Toch kan wat een student maandag op stage meemaakt, dinsdag in de les een goed vertrekpunt zijn.

  1. Op school

    Voorbereiden en oefenen, en terugkomen op wat er op stage gebeurde.

  2. Op stage

    Ervaren, feedback krijgen en verantwoordelijkheid dragen, met iemand die meekijkt.

  3. Op het werk

    Steeds zelfstandiger bijdragen en richting vinden in het eigen werk.

Wie doet wat rond stage en BPV
  • De student

    Doet het werk, kijkt terug en kiest een volgende stap.

  • De school

    Houdt de regie over de opleiding, de BPV-begeleiding en de beoordeling. Mentor, SLB en LOB blijven bij de school.

  • De praktijkopleider

    Leert de student het vak, geeft opdrachten en geeft feedback op de werkvloer.

  • Incredible Future

    Helpt de student voorbereiden en terugkijken, denkt mee met de praktijkopleider waar dat gevraagd wordt en stemt af met de school.

5 · De ontwikkellaag

Wat we concreet doen

School, praktijkopleider en werkgever houden elk hun eigen rol. Wij bouwen mee aan wat daartussen gebeurt, zodat een jongere de ervaringen van al die plekken met elkaar kan verbinden.

De nadruk ligt nu op mbo-studenten die de stap naar stage en werk zetten. Veel van wat we doen past bij jongeren van ongeveer 16 tot 23 jaar.

  • Lessen en workshops

    Sessies waarin jongeren eerst iets doen en daarna samen terugkijken op hoe ze reageerden, welke keuzes ze maakten en hoe het samenwerken ging. Dat kan als gastles, als lessenreeks of binnen MDT.

  • Begeleiding rond de stage

    Vóór en tijdens de stage werken we met studenten aan wat er van hen verwacht wordt, aan feedback vragen en initiatief nemen, en juist ook aan de momenten waarop ze vastlopen.

  • Korte gesprekken

    Samen een ervaring omzetten in iets bruikbaars, door te kijken wat er gebeurde en wat een jongere ervan meeneemt.

  • Samen met praktijkopleiders

    We denken mee over een goede leeromgeving op de werkvloer.

Eigen programma’s en de route op Curaçao

Start Bright is een online module waarin jongeren onderzoeken wat hen beïnvloedt en hoe ze bewuster kiezen. Zulke programma’s horen bij de begeleiding en staan er niet los van.

Op Curaçao is er een stage- en ontwikkelroute, ook als tussenjaar, met begeleiding vanuit IF. Over de route en de kosten

6 · Ontwikkeling zichtbaar maken

Hoe we ontwikkeling zichtbaar maken

Ontwikkeling is vooral te zien in wat iemand in een echte situatie doet. Daarom kijken we samen met jongeren naar wat er verandert, en gebruiken we dat in het gesprek over een volgende stap.

  1. Bij de start vertrekpunt

    Jongeren kijken samen met ons waar ze staan en kiezen een paar concrete doelen, bijvoorbeeld vaker een vraag stellen op stage.

  2. Onderweg voortgang

    Op vaste momenten kijken we samen terug op wat al lukt, wat nog lastig is en wat de volgende stap wordt.

  3. Aan het eind terugblik

    Jongeren leggen hun doelen en ervaringen naast die van het begin, zodat zichtbaar wordt wat er veranderd is en wat ze meenemen.

Een afgeronde module laat zien dat iemand iets heeft doorlopen, maar vertelt niet automatisch wat er in de praktijk is veranderd. Daarom kijken we ook naar wat jongeren proberen, welke feedback ze krijgen en welke volgende stap daaruit ontstaat.

Persoonlijke reflecties blijven persoonlijk. Met school of werkgever delen we alleen wat we vooraf met de jongere hebben afgesproken en wat nodig is voor de begeleiding.

7 · Samenwerken voor gemeenten, fondsen en partners

Samenwerken aan één leerreis

Jongeren leren op school, op stage en op het werk, en die plekken zijn vaak los van elkaar georganiseerd. IF werkt ertussen, met de mensen die er al zijn. Daarom past IF in samenwerkingen waarin onderwijs, werkgevers en overheid iets willen opzetten dat verder gaat dan één losse interventie.

Ja. IF kan de begeleiding verzorgen die onderwijs en werk met elkaar verbindt, zodat jongeren bewust leren van wat ze op beide plekken meemaken. Hoe die rol eruitziet, stemmen we af op de partners en het doel van de samenwerking.

Ja. We kunnen bijvoorbeeld lessen, begeleiding of een pilot uitvoeren binnen een bestaande samenwerking. Vooraf maken we helder wie welke rol en verantwoordelijkheid heeft.

Ja. We kunnen klein beginnen, bijvoorbeeld met één opleiding, groep of stageperiode. Vooraf bepalen we samen wat we willen leren, hoe we de begeleiding organiseren en waar we onderweg op letten.

Door samen met jongeren te kijken naar wat ze proberen, welke feedback ze krijgen en welke volgende stap daaruit ontstaat. Waar het past, leggen we het begin en het eind naast elkaar. Hoe we ontwikkeling zichtbaar maken

Lees verder

De aanpak is voor iedereen dezelfde. Wat verschilt, is je rol erin. Lees wat het betekent voor jongeren, voor scholen en voor werkgevers, of bekijk de veelgestelde vragen.